Al mijn wegen leiden naar

Vanmiddag heb ik afscheid genomen van de stad waar ik het allermeest van hou, waar ik het allergelukkigst ben en waar ik zielsgraag zou willen wonen: Rome. Het waren weer heerlijke dagen. Ik kan mijn enthousiasme voor de stad nauwelijks in woorden uitdrukken. Je kunt het alleen maar begrijpen door het te ervaren.

Het heerlijkst zijn de dagen dat alle plannen de mist in gaan. In Rome kán namelijk niks verkeerd gaan. Museum dicht? Dan stuit je op een prachtige fontein. Wolkbreuk? Dan schuil je in authentieke cafeetjes of verstopte kerkjes. Uitverkochte kaartje leiden tot de mooiste onverwachte straatjes en iedere verdwaling blijkt een cadeau.

Vriend P en ik zijn inmiddels zo vaak in de stad geweest dat we elkaar naar ‘een goddelijk lunchtentje in Trastevere’ of ‘een uitzicht waar geen toeristen komen en waar het mooier is dan boven bij Popolo’ loodsen, inclusief geschiedenisles. Natuurlijk eten we ook ijs bij de Trevi, drinken we cappuccino op Navona en wandelen we even om het Colosseum en over het Sint Pieterplein. Maar de stad zit ons steeds meer als een fijne oude jas en dat leidt tot persoonlijke rondleidingen door vergeten buurtjes en langs lievelingsplekken: ‘kom, we kijken nog even naar het plafond van de Basilica Santa Maria sopra Minerva, dan slaap je lekker vanavond’ en ‘dat is het raam waarachter jij ooit je roman gaat schrijven’.

We hadden dit keer maar kort (het is overigens altijd te kort), dus rolden we zo vroeg mogelijk ons bed uit en kropen er zo laat mogelijk in. Vriend P kreeg dankzij deze ‘werkwijze’ zulke vreselijke blaren dat we gebruik konden maken van invalidentoiletten (‘ik ben de begeleidster van die kreupele’). Maar in Rome voel je je blaren niet of je viert ze, omdat ze het resultaat zijn van voeten die op iedere hoek, op ieder moment over geschiedenis hebben gelopen. Eerst stap je over een stukje ‘il Duce’ om later langs de tempel van Romulus te slenteren. Je kunt naar het graf van John Keats, Shelley en de zoon van Goethe, maar ook naar het mausoleum van Augustus en Hadrianus. Je doorkruist de nationalistische negentiende eeuw via het Romeinse keizerrijk en alles wat daartussenin ligt. En je kunt in slaap vallen met ‘bungabunga-televisie’ van Berlusconi of programma’s waarin ondefinieerbare priesters vol passie stukjes onbekende kerk toelichten.

Op de laatste dag liep ik bij het naar binnengaan van de San Giovanni in Laterano stomtoevallig tegen mijn oud-docente Nederlands aan (die mij haar liefde voor literatuur zes jaar lang voerde) die voor een groep gymnasiasten uit marcheerde (er stonden nog 3000 bezienswaardigheden op het programma). Een kerkje verderop botste ik tegen mijn oud-filosofieleraar op die de andere groep onder zijn hoede had. Ik zal beiden eeuwig dankbaar zijn voor de literatoren en filosofen, de boeken en beelden en vooral: de liefde voor de klassieke oudheid, kunst, mythen en geschiedenis die ze me bijbrachten, culminerend in die ene stad.

Arrivederci Roma, tot zo snel mogelijk!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s